Lennart (49) woont voor het eerst sinds jaren op een adres waar hij niet weg wil. Hij is vaak verhuisd — voor werk, voor mensen, voor het volgende. Onder zijn vrienden stond hij bekend als degene die zich overal redt. Hij vertelt over de golf naar veiligheid en rust, en hoe hij die pas herkende toen hij terugkeek.
Ik heb vaker ingepakt dan uitgepakt. Nieuwe stad, nieuw huis, nieuw werk, nieuwe mensen. Ik was degene die dat kon. “Die Lennart, die redt zich overal wel. Die leeft juist op van avontuur.” Zo zeiden mijn vrienden het, en zo zag ik mezelf ook.
En het klopte. Ik reisde met plezier. Ik begon steeds opnieuw. Ik deed spannende dingen — seks, drugs, dat hoorde er ook bij. Vrijheid, autonomie, ik kan het zelf, ik heb niemand nodig. Dat riep ik hard, en ik geloofde het.
Als ik nu terugkijk, zie ik iemand anders staan. Iemand die jarenlang op zoek was naar rust. Naar veiligheid. Naar een thuis.
Vroeger zou ik me daarvoor geschaamd hebben. Het paste niet bij mijn identiteit. De avonturier zoekt geen thuis, die vertrekt juist. Dus noemde ik het anders, of ik noemde het niet.
Een tijdlang dacht ik dat verbinding de rode draad was. En dat was het ook: ik verhuisde voor mensen. Ik dacht ergens een nieuwe verbinding gevonden te hebben, en ging. Of ik was teleurgesteld dat het toch niet was wat ik dacht dat het was. Of het was uit en ik voelde me in de steek gelaten. Elke verhuizing had een naam, achteraf gezien.
Maar als ik nog preciezer kijk, zie ik iets onder die verbinding zitten.
De partners die ik koos, voelden veilig. Dat was het eerste wat ik voelde, nog voor al het andere. Niet spannend — veilig. Dat wil niet zeggen dat de verbinding niet echt was, want die was echt. Maar de geborgenheid die ik vanuit mezelf niet had, zocht ik in hen. Zij waren mijn grond. En als zij wegvielen, viel de grond weg, en dan ging ik weer inpakken. Op zoek naar de volgende plek waar ik me even kon laten zakken.
Dat is de omkering die ik pas laat heb gezien. Ik dacht dat ik onderweg was omdat ik nergens hoefde te blijven. Ik was onderweg omdat ik nog nergens echt was aangekomen.
Wat dat me gebracht heeft, is vooral rust. En inzicht. De reislust is niet weg. Alleen weet ik nu wat eronder zat. En dat ik veiligheid mag zoeken, gewoon, zonder omweg. Dat het geen verraad is aan wie ik was.
Het bijzondere is dat ik pas rust vond toen ik toegaf dat ik ernaar zocht.